visie

omgaan met verschillen
Leerlingen verschillen. Bij het omgaan met verschillen is het van belang hoe je naar mensen kijkt en hoe je over die verschillen praat. Wanneer je voornamelijk denkt in termen van problemen en stoornissen loop je het gevaar dat het probleem geheel bij de leerling wordt neergelegd (de leerling is de probleemdrager) en dat de leerling zich als zodanig gaat ervaren. Deze problematiserende benadering heeft dan de neiging zichzelf te bevestigen.
Werken met onderwijsbehoeften (“wat heeft deze leerling nodig?” ) en denken in mogelijkheden biedt meer perspectief. Leerlingen worden daarom tijdens de begeleiding in de eerste plaats aangesproken op hun bestaande en potentiële kwaliteiten en op hun behoefte aan de erkenning en ontwikkeling daarvan.

 

sámen zoeken naar ‘wat werkt’
De leerling zelf heeft een belangrijke stem in de vormgeving van de begeleiding. Het doel is immers dat hij zelf (weer) eigenaar wordt van zijn eigen onderwijsleerproces. Zijn kijk op de problemen is relevant voor het begrijpen van de situatie en voor een goede aanpak daarvan. Wanneer leerlingen actief betrokken worden bij de invulling van het begeleidingsproces (het begrijpen van de situatie, het formuleren van de doelen en het zoeken naar oplossingen) vergroot dat hun zelfstandigheid en verantwoordelijkheid, wat een positief effect kan hebben op hun motivatie.

 

zorgvuldige afstemming met ouders en docenten
Bij de begeleiding spelen ook de ouders en de docenten een belangrijke rol. Zij kennen de leerling ieder vanuit hun eigen context (thuissituatie/klaslokaal) en vanuit hun eigen expertise (opvoeder/ onderwijsprofessional).  Ik streef naar een constructieve samenwerking, waarbij een transparante manier van werken en goede onderlinge communicatie belangrijke peilers zijn.

Comments are closed.